Vernieuwing van denken

vernieuwing.jpg

In de Bijbel, schrijft Paulus naar de Romeinen dat ze niet zoals deze wereld moeten denken, handelen en zijn. Het lijkt een hele reeks opdrachten in gebiedende wijs. Zoals: ‘wees gastvrij, wees blij in de hoop, wees gehecht aan het goede’ (Rom.12). Alleen het begint met iets intrigerends; iets wat ik zolang verkeerd begreep.

De opdrachten-versie vond ik altijd vrij moeilijk. Enigszins onnatuurlijk ook, moeilijk om mezelf te dwingen daartoe, vooral thuis. Zoals ik het nu zie, zou het een onmogelijke opdracht zijn, altijd in tweestrijd met ons gevoel, strijdend om het goede te doen. Net als de bergrede van Jezus (Mat. 5 o.a.).

Daarom vatte ik het maar op als ‘ik doe mijn best daarop te lijken, maar zo leven haal ik nooit’.

Aan het begin van Romeinen 12, staat ‘wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken’. Waarom? Omdat het ons doet beseffen waar God op uit is; alleen maar goedheid, prachtige, volmaakte dingen. Dit is wat we nu zien gebeuren in sessies. Zonder strijd, zonder keihard ons best doen om dat te geloven, zonder het hardop uitspreken zodat we het maar wat meer zullen geloven (proclamatie), zonder kwade geesten weg te sturen (bevrijding).

Puur door de oude rommel van het verleden, die nog steeds invloed heeft op het heden, te bespreken met Jezus.

Er transformeert iets, waardoor er geen grond meer is voor nare gevoelens die nare gedragspatronen veroorzaakten. Het gevolg is dan; vernieuwing van denken. En welke gevolgen dat heeft; is eigenlijk alles wat volgt in Romeinen 12.

En dat maakt dat ik die lijst van opdrachten nu zie als een omschrijving van hoe het leven eruitziet, als ik vrede heb in mijn hele wezen. Dat er geen nare dingen meer zijn, die vanuit mijn verleden mij nog steeds beïnvloeden. En dan is het niet meer een proberen te geloven dat wat God wil alleen maar goedheid is; maar het is een weten in heel mijn geest, ziel en lichaam dat dit waarheid is.

Daarna staat er nog iets boeiends; koester geen gedachten boven uw voegen. Veel vertalingen leggen dit uit als niet arrogant denken over jezelf. Ik zie dit nu als ‘denk aan de dingen die bij jou passen, in jouw relatie met God’. Het blijven bij wat ik voel, wat ik zeker weet, wat ik meegemaakt heb in mijn reis met God…. Dat past bij eenvoud (:8).

Dit kan alleen, als ik connectie heb met mijn gevoel. Als de oude rommel uit het verleden is opgeruimd.

Terwijl eerder dit alleen mogelijk leek voor mij, als ik streed tegen mijn gevoel en daarmee mijn tegenstrijdigheid vergrootte. Mijn gevoel de kop in drukte, want ‘dit is toch de waarheid uit Gods Woord’. En het mooie is, als ik blijf bij wat ik voel en zeker weet, is het altijd vruchtbaar, heeft altijd positieve gevolgen. Het is niet eng, omdat ik het zeker weet, het komt over bij anderen omdat het ‘echt en puur’ is, het past bij mij. Dat is vrede hebben in mijn rol, mijn deel van het lichaam. En ik merk inderdaad dat ik me meer hecht aan het goede, met mijn hele wezen gastvrij kan zijn, dat ik erg blij ben in de hoop. Zonder dat ik daarvoor hoef te vechten tegen mijn gevoel vanbinnen.